Fiscale Gevolgen Ondernemingsaftrek bij DGA-Scheiding in Rotterdam
In Rotterdam, de bruisende havenstad vol ondernemers zoals DGA's in logistiek en maritieme sectoren, heeft scheiding grote impact op de fiscale positie door verdeling van ondernemingsvermogen. De Oudedagsreserve (FOR) en middelloonregeling in eigen beheer worden direct geraakt bij verevening. Uitkering van FOR resulteert in box 1-heffing tot 52%, maar Rotterdamse DGA's kunnen dit spreiden via banksparen, ideaal voor lokale adviseurs aan de Maas.
De gebruikelijkloonregeling (artikel 12a Wet IB) verplicht de ex-DGA tot minimaal €51.000 loon, wat bij deling van Rotterdamse BV's verandert. Bij aandelenoverdracht naar de ex-partner gelden realisatieprincipes van de Wet VPB met stakingswinst op latente reserves, extra relevant voor havenbedrijven met hoge waarderingen. Huwelijkse voorwaarden met verrekenbeding activeren box 3-heffing op fictief rendement, terwijl de Rotterdamse Ondernemersvereniging (ROV) waarschuwt voor lokale vastgoedinvloeden.
Strategieën specifiek voor Rotterdam: splitsing van de BV in werkmaatschappij en holding minimaliseert belasting, passend bij de holdingstructuren in de regio. De Wet excessief lenen beperkt post-scheiding schulden aan de DGA, cruciaal voor familiebedrijven in de haven. Pensioencompensatie blijft vrijgesteld van vermogensbelasting. Praktijkvoorbeeld uit Rotterdam: conversie FOR naar bankspaarrekening bij een scheepvaart-DGA scheelde 20% belastingdruk. Meld wijzigingen tijdig bij de Belastingdienst Rotterdam om navorderingen te vermijden, en combineer met estate planning voor kinderen, afgestemd op lokale notarissen in Kralingen of de Kop van Zuid.